Inleiding tot Personal Communications

Met Personal Communications beschikt u op uw eigen werkstation over een pakket effectieve netwerkfuncties voor een uitgebreid scala aan verbindingsmogelijkheden binnen LAN- (Local Area Network) en WAN-omgevingen (Wide Area Network). Of u het programma nu gebruikt voor de emulatie van een hostwerkstation, voor client/server-toepassingen of voor het tot stand brengen van verbindingen, Personal Communications bevat een krachtige set functies voor de communicatie tussen geautomatiseerde systemen en voor het gebruiken en onderhouden van netwerken.

Personal Communications is een emulator met volledige functionaliteit. Behalve de emulatie van hostwerkstations biedt dit programma de volgende aanvullende functies:

Personal Communications is een belangrijke clientcomponent van de IBM Host Integration-portfolio voor LAN, WAN en toegang en connectiviteit op afstand. Personal Communications biedt toegang tot toepassingen en gegevens die zich bevinden op midrange- of enterpriseservers. Bovendien is het ook het optimale platform voor de traditionele toegang tot gegevens en toepassingen op de host. Personal Communications omvat nieuwe tools waarmee u een gewoon bedrijf kunt omzetten in een e-business.

Via het gebruik van Enterprise Extender in Personal Communications kunt u de integriteit van SNA LU6.2/CPIC/APPC-toepassingen via IP handhaven. De mogelijkheid wordt uitsluitend geboden door IBM, zowel op desktopcomputers als op communicatieservers die de gateway terug naar de SNA-omgeving bieden. U beschikt over de enige oplossing waarmee het probleem van het overbrengen van deze SNA-toepassingen via een IP-netwerk kan worden opgelost.

Met Enterprise Extender kunt u SNA-toepassingen en -gegevens gebruiken in IP-netwerken en op IP-clients met een vergelijkbare mate van betrouwbaarheid, schaalbaarheid en besturing als bij SNA-gebruikers. Personal Communications ondersteunt de EE-DLC.

Personal Communications ondersteunt een groot aantal verschillende client-API's (Application Programming Interfaces) op basis van SNA. U kunt toepassingen definiëren die gebruikmaken van de peer-to-peer client-API's. Deze zijn gebaseerd op LU 6.2 en zijn beschikbaar in Personal Communications. Met deze API's kunt u verbindingen met peerwerkstations tot stand brengen en vervolgens de gegevens ervan verwerken.

Personal Communications ondersteunt APPN (Advanced Peer-to-Peer Networking) als eindknooppunt en maakt gebruik van de geavanceerde netwerkfuncties HPR (High Performance Routing) en DLUR (Dependent LU Requester).

AnyNet SNA via TCP/IP is een functie van Personal Communications waarmee emulator- en client/server-SNA-toepassingen kunnen communiceren via een TCP/IP-netwerk.

Nieuwe functies in Personal Communications Versie 5.9

Personal Communications Versie 5.9 is de opvolger van het programma Personal Communications Versie 5.8. Als u bekend bent met deze vorige versie, is het onderstaande overzicht van de nieuwe functies en uitbreidingen mogelijk interessant voor u.

Uitbreidingen emulatorsessies
Ondersteuning van Windows x64-platform
Personal Communications Versie 5.9 biedt ondersteuning voor niet-SNA-platforms voor Windows XP Professional x64 Edition en Windows Server 2003 Standard x64 Edition en Enterprise x64 Edition.
Paginakoptekst en -voettekst
U kunt een kop- of een voettekst toevoegen aan gedrukte pagina's in taken voor schermafdrukken en verzamelde schermafdrukken.

Raadpleeg de Emulator User's Reference voor informatie over deze functie.

Windows-printerstuurprogramma voor afdrukken vanaf VT-host
U kunt het Windows-printerstuurprogramma voor het afdrukken van gegevens vanaf de VT-host gebruiken. Deze functionaliteit is een aanvulling op de bestaande PDT-afdrukmogelijkheden.
Gelijktijdige IPv4- en IPv6-verbindingen voor EEDLC
In het geval van EEDLC kunt u IPv4- en IPv6-verbindingen tegelijkertijd configureren en uitvoeren.
Beleidsuitbreidingen voor wijziging van sessieweergave
Door het bewerken van het Windows-beleid voor groepen, kunt u de werkbalk, de menubalk en het uitgebreide informatiegebied van het sessievenster verbergen.

Raadpleeg de Administrator's Guide and Reference voor meer informatie over het wijzigen van het weergavebeleid.

Beleidsuitbreidingen voor beperking van controle over sessievenster
Door het bewerken van het Windows-beleid voor groepen, kunt u de mogelijkheid van gebruikers om sessievensters af te beelden als maximumvenster of pictogram of te sluiten beperken.

Raadpleeg de Administrator's Guide and Reference voor meer informatie over het wijzigen van het uitvoeringsbeleid.

Afdruktaken verzamelen voor 5250-printersessies
Met deze functie kunt u afdruktaken verzamelen en deze als één taak of in een groep afdrukken. Functies die horen bij deze voorziening kunnen worden toegewezen aan het toetsenbord, het toetsenblok, de muisknop of een werkbalkknop.

Raadpleeg de Emulator User's Reference voor informatie over deze functie.

Uitbreiding van traceerbuffers
Er zijn extra CSTrace-buffers beschikbaar, zodat alle traceerrecords worden vastgelegd als het systeem zwaar belast is vanwege traceerbewerkingen.
Optie Passend maken in Pagina-instelling
U kunt de afdrukinstelling Passend maken selecteren in het venster Pagina-instelling. Deze functie is ingeschakeld voor de volgende sessies:
  • 3270-beeldscherm en -printer
  • VT-beeldscherm, inclusief printercontrollerwerkstand

Raadpleeg de Emulator User's Reference voor informatie over deze functie.

Uitbreidingen beveiliging en verificatie
Automatische aanmelding op basis van Kerberos
Voor 5250-beeldstationsessies biedt deze functie de mogelijkheid van automatische aanmelding bij hosts, met behulp van de legitimatiegegevens van aangemelde gebruikers. In geval van het hulpprogramma Gegevensoverdracht kunt u met behulp van Kerberos-verificatie de aanmeldingsstap overslaan.

Raadpleeg de Administrator's Guide and Reference voor informatie over deze functie.

Met Telnet afgestemde beveiliging
TLS-beveiliging kan worden afgestemd tussen de host en Personal Communications, als onderdeel van het Telnet-afstemmingsproces.

Raadpleeg de Administrator's Guide and Reference voor informatie over deze functie.

Uitbreidingen ondersteuning en beheer
IBM Support Assistant
Met de IBM Support Assistant kunt u softwareproblemen makkelijk oplossen. De Support Assistant biedt de volgende componenten:
  • Search

    Hiermee kunt u zoeken in de database met softwaregegevens.

  • Service

    Biedt klanten die een PMR willen indienen toegang tot de website voor elektronische serviceaanvragen.

  • Support Links

    Een geconsolideerde lijst van IBM-weblinks, geordend op merk en product.

Helpdeskmedewerkers en Personal Communications-beheerders kunnen Support Assistant installeren zodat zij eindgebruikers beter kunnen ondersteunen. De Support Assistant kan worden gedownload vanaf het volgende adres:
http://www.ibm.com/software/support/isa/index.html
ITLM-beschikbaarheid
Met deze functie kan het aantal installaties en gebruikers van Personal Communications met behulp van IBM Tivoli License Manager worden gecontroleerd.

Personal Communications-programmapictogrammen

Als u Personal Communications installeert, worden de hoofdfuncties die u kunt gebruiken als pictogrammen afgebeeld. De pictogrammen zijn gerangschikt in submappen van de programmamap van IBM Personal Communications.

Hieronder volgt een korte uitleg van iedere functie.

Afbeelding wmcfgses ontbreekt
Sessie starten of configureren
Met dit pictogram start u de functie Sessiebeheer. Hiermee kunt u sessies starten of configureren. Tijdens de configuratie kunt u onder meer het type sessie, de schermgrootte, het LU-nummer, ondersteuning voor grafische voorstellingen, het type gegevenskoppeling en de bijbehorende parameters opgeven. U kunt al deze informatie opslaan in een werkstationprofiel. Nadat u de instellingen hebt opgeslagen, kunt u de sessie starten door op het sessiepictogram te klikken. Hiervoor gemachtigde gebruikers kunnen via dit venster ook nieuwe batchbestanden maken voor het starten van meerdere sessies.
Afbeelding wmsnacf ontbreekt
Configuratie SNA-knooppunt
Met dit pictogram kunt u een SNA-knooppunt plus de bijbehorende resources configureren of uitgebreide configuratieparameters wijzigen. De meeste emulatorsessies kunnen ook zonder dit hulpprogramma worden geconfigureerd, maar voor de communicatie tussen client en server en die tussen peerwerkstations moet u een SNA-knooppuntconfiguratie definiëren. U kunt deze functie ook uitvoeren vanaf een actieve sessie door Acties -> Starten -> Configuratie SNA-knooppunt te kiezen.

Hulpprogramma's voor beheer en probleembepaling

Afbeelding certmig ontbreekt
Certificaten migreren
Met dit pictogram start u het programma voor de migratie van beveiligingscertificaten van GSKit naar Microsoft CryptoAPI (MSCAPI). Zie Administrator's Guide and Reference voor details over het inschakelen en gebruiken van sessiebeveiliging.
Afbeelding wmsnas ontbreekt
SNA-aftastgegevens afbeelden
Met dit pictogram kunt u SNA-aftastgegevens en de bijbehorende uitleg afbeelden. Aftastgegevens bestaan uit de informatie over SNA-fouten uit interne SNA-informatiestromen, foutenlogboeken, foutberichten en traceergegevens. Sommige Personal Communications-foutberichten bevatten aftastgegevens.
Afbeelding bundler2 ontbreekt
Informatie verzamelen
Met dit pictogram kunt u systeembestanden, traceerbestanden, logboekbestanden en registergegevens zoals de geïnstalleerde software op een systeem of de software die op een systeem actief is verzamelen. U kunt deze functie ook uitvoeren vanaf een actieve sessie door Acties -> Starten -> Informatie verzamelen te kiezen.
Afbeelding iserv ontbreekt
Internetservice
Met dit pictogram kunt u systeem- en diagnosegegevens die u via het hulpprogramma Informatie verzamelen bijeen hebt gebracht, naar een FTP-server zenden. U kunt deze functie ook uitvoeren vanaf een actieve sessie door Acties -> Starten -> Internetservice te kiezen.
Afbeelding wmlogv ontbreekt
Logboeken bekijken
Met dit pictogram kunt u het berichtenlogboek en het traceerlogboek van Personal Communications bekijken, samenvoegen en sorteren. Personal Communications legt tijdens de initialisatie en de uitvoering van het programma fouten en informatieberichten vast. U kunt deze functie ook uitvoeren vanaf een actieve sessie door Acties -> Starten -> Logboeken bekijken te kiezen.
Afbeelding pcsmig ontbreekt
Migratiefunctie
Met dit pictogram kunt u de gebruikers- en systeemklassenbestanden en de bureaubladpictogrammen migreren naar Personal Communications Versie 5.9.
Afbeelding pcsapar ontbreekt
Productupdate
Met dit pictogram start u het systeemprogramma WebUpdate waarmee u kunt nagaan welke APAR's (Authorized Program Analysis Reports) en MR's (Manufacturing Refreshes) beschikbaar zijn.
Afbeelding lehl0047 ontbreekt
Configuratie SNA-knooppunt controleren
Met dit pictogram kunt u controleren of de ASCII-wijzigingen die u handmatig hebt aangebracht in de configuratie van het SNA-knooppunt, toegestaan zijn.
Afbeelding wmnop ontbreekt
Bewerkingen voor SNA-knooppunt
Met dit pictogram kunt u bewerkingen voor SNA-knooppunten uitvoeren, zoals het starten of beëindigen van resources of het afbeelden van resource-informatie. U kunt deze functie ook uitvoeren vanaf een actieve sessie door Acties -> Starten -> Bewerkingen voor SNA-knooppunt te kiezen.
Afbeelding wmtrace ontbreekt
Traceerfunctie
Met dit pictogram kunt u de traceerfuncties in- en uitschakelen en communicatieprotocolinformatie vastleggen die wordt doorgegeven tussen uw werkstation en andere hostsystemen. U kunt tracering gebruiken om communicatieproblemen op te lossen. U kunt deze functie ook uitvoeren vanaf een actieve sessie door Acties -> Starten -> Traceerfunctie te kiezen.

Hulpprogramma's

Van de hulpprogramma's APING en AFTP zijn alleen de Engelstalige versies beschikbaar.

Opmerking

Deze programma's worden geleverd op "as is"-basis, zonder enige garantie, met inbegrip van maar niet beperkt tot de garanties van verhandelbaarheid of geschiktheid voor een bepaald doel.

Afbeelding iseriesconn ontbreekt
Configuratie iSeries-verbinding
Met dit pictogram kunt u verbindingen definiëren met alle iSeries-, eServer i5- of System i5-hosts die gebruikmaken van de functie voor gegevensoverdracht.
Afbeelding ikeyman ontbreekt
Certificaatbeheer
Met dit pictogram kunt u SSL-communicatie (Secure Sockets Layer) inschakelen tussen de communicatieserver en de client. Raadpleeg Administrator's Guide and Reference voor meer informatie over het gebruik van dit programma.
Afbeelding wmaping ontbreekt
Verbinding controleren - APING
U kunt dit CPI-C-voorbeeldprogramma gebruiken om netwerkverbindingen te controleren. U kunt de functie APING gebruiken om netwerkverbindingen te maken, de oorzaak van problemen op te sporen en eenvoudige prestatiemetingen te verrichten. APING wisselt gegevenspakketten uit met een partnercomputer en meet hoe lang de gegevensoverdracht duurt.
Afbeelding cmmouse ontbreekt
CM Mouse
Met dit pictogram kunt u muisknoppen definiëren voor het uitvoeren van toetsencombinaties voor de host. Hierbij kunt u ook PF-toetsen en speciale toetsen voor besturing van een emulator opgeven. Verder kunt u voorgrondmenu's maken voor de besturing van hosttoepassingen zonder wijzigingen aan te brengen in deze hostprogramma's.
Opmerking:
CM Mouse is een voorbeeldtoepassing die beschikbaar is in de vorm van een hulpprogramma. Het programma is niet vertaald en kan alleen op SBCS-systemen worden uitgevoerd.

Voor dit programma moet u de aangepaste installatie uitvoeren. Raadpleeg de publicatie Handleiding voor installatie vanaf CD-ROM voor meer informatie.

Afbeelding cmmcfg32 ontbreekt
CM Mouse configureren
Met dit pictogram kunt u het scriptprogramma CM Mouse configureren.
Afbeelding pcsmc2vb ontbreekt
Macro converteren
Met dit pictogram kunt u een bestaande Personal Communications-macro converteren naar een XML- of VBScript-bestand.
Afbeelding wmdata ontbreekt
Gegevensoverdracht (alleen iSeries)
Met dit pictogram kunt u gegevens overbrengen tussen een werkstation en een iSeries-, eServer i5- of System i5-database.
Afbeelding dbaccess ontbreekt
Databasetoegang
Met dit pictogram kunt u het hulpprogramma Databasetoegang starten waarmee u gegevens kunt ophalen uit een database, bijvoorbeeld een SQL-server, Microsoft Excel, Lotus 1-2-3 of een dBASE-database (die voldoet aan Microsoft ODBC-standaarden niveau 1). U kunt de opgehaalde gegevens direct doorgeven aan Excel, Lotus 1-2-3 of een andere toepassing.
Afbeelding dosehllapi ontbreekt
DOS EHLLAPI
Met dit pictogram kunt u op DOS gebaseerde EHLLAPI-programma's in- of uitschakelen die met de 32-bits Personal Communications-emulator communiceren.
Afbeelding wmmenu ontbreekt
Menubalk aanpassen
Hiermee kunt u de menubalk van het sessievenster aanpassen.
Afbeelding wmmlts ontbreekt
Meerdere sessies
Met dit pictogram kunt u batchbestanden (BCH-bestanden) maken, waarin u meerdere emulatorsessies (werkstationprofielen) of andere ondersteunde Windows-programma's opgeeft die u tegelijkertijd wilt starten. U kunt een pictogram maken voor elk batchbestand en de programma's starten door dit pictogram te kiezen.
Afbeelding wmaftp ontbreekt
Bestandsoverdracht - AFTP
Dit programma wordt gebruikt om op snelle en efficiënte wijze tekst- en binaire bestanden over te brengen.
Afbeelding pcsupm ontbreekt
Gebruikersvoorkeuren
Met dit pictogram kunt u de gebruikersvoorkeuren instellen of wijzigen. U kunt bijvoorbeeld de taal van de gebruikersinterface wijzigen, LDAP-ondersteuning (Lightweight Directory Access Protocol) inschakelen of de standaardlocatie opgeven voor de werkstationprofielen.
Afbeelding wmziprt ontbreekt
ZipPrint (alleen 3270)
Met dit pictogram kunt u het programma ZipPrint starten, waarmee u systeembestanden of schermen van de host, memo's van PROFS of OfficeVision, agenda's, documenten, CMS-bestanden en XEDIT-werkgebieden kunt afdrukken. Als ZipPrint gestart is, wordt daarvoor een menuoptie toegevoegd aan de menubalk van het sessievenster.

Personal Communications-sessies

Personal Communications-sessies zijn logische verbindingen die de communicatie tussen een werkstation en een host mogelijk maken. De volgende sessietypen zijn beschikbaar:

Beeldstationsessie
Hierbij kunt u uw werkstation gebruiken als een beeldstation dat is verbonden met de host.
Printersessie
Hierbij kunt u de printer van uw werkstation gebruiken als hostprinter.
Client/server-sessie
Hierbij brengt u verbindingen tot stand voor de communicatie tussen peerwerkstations met CPI-C en APPC (LU 6.2).

Personal Communications-verbindingen

Met Personal Communications kunt u een groot aantal verschillende verbindingen tot stand brengen met de onderstaande typen hosts. Wanneer u start met het configureren van een emulatorsessie, kunt u de volgende pictogrammen te zien krijgen:

zSeries
Afbeelding zSeries ontbreekt
iSeries
Afbeelding iSeries ontbreekt
ASCII
Afbeelding ascii ontbreekt
S/3X
Afbeelding s3x ontbreekt

zSeries-emulatorverbindingen

Tabel 1. Pictogrammen voor zSeries-emulatorverbindingen
Interface Aansluiting

LAN

Afbeelding LAN ontbreekt
  • LAN via IEEE 802.2
  • 3270 via Communications Server for Windows
  • Telnet3270
  • 3270 via iSeries (passthru)
  • APPC3270 via LAN
  • Microsoft SNA-client via FMI
  • Microsoft SNA-client (via de LUA-interface)
  • Microsoft SNA-client (via de APPC-interface)
  • Dependent LU Requester (DLUR)
  • 3174 Peer Communications
  • VT via Telnet (TCP/IP)

COAX

COAX --- Afbeelding LAN ontbreekt
  • SNA Distributed Function Terminal
  • Niet-SNA Distributed Function Terminal

COM-poort

Afbeelding comport ontbreekt
  • SNA via Async
  • IBM Global Network (niet in Japan)
  • Home3270
  • IBM Global Network - SNA via Async
  • Dependent LU Requester (DLUR) via
    • SNA via Async
    • Hayes AutoSync
  • Hayes AutoSync
  • APPC 3270 via:
    • SNA via Async
    • Hayes AutoSync
  • VT via Async
  • Telnet 3270
  • VT via Telnet (TCP/IP)
  • X.25 Hayes AutoSync
  • X.25 DLUR via Hayes AutoSync
  • X.25 APPC 3270 via Hayes AutoSync

5250

5250 --- Afbeelding LAN ontbreekt
  • 3270 via iSeries
  • Dependent LU Requester (DLUR)

SDLC

SDLC --- Afbeelding LAN ontbreekt
  • SDLC (Synchronous Data Link Control)
  • 3270 via iSeries (passthrough)
  • APPC3270 via SDLC
  • Dependent LU Requester (DLUR)

SNA/IP

SNA/IP --- Afbeelding snaip ontbreekt
  • LU 0, 1, 2, 3
  • APPC 3270
  • LU 0, 1, 2, 3 via DLUR

IBM ISA/MCA WAC

IBM ISA/MCA WAC --- Afbeelding LAN ontbreekt
  • SDLC (Synchronous Data Link Control)
  • 3270 via iSeries (passthrough)
  • APPC3270 via SDLC
  • Dependent LU Requester (DLUR)
  • X.25 QLLC (Qualified Logical Link Control)
  • X.25 3270 via iSeries
  • APPC3270 via X.25
  • X.25 DLUR

API-client

API-client --- Afbeelding LAN ontbreekt
  • Communications Server-client
  • Communications Server

IBM-EEDLC

IBM-EEDLC --- Afbeelding snaip ontbreekt
  • LU (0, 1, 2, 3) via DLUR
  • APPC 3270

OEM

OEM --- Afbeelding LAN ontbreekt
  • LU (0, 1, 2, 3)
  • 3270 via iSeries (passthrough)
  • APPC 3270
  • Dependent LU Requester (DLUR)

iSeries-emulatorverbindingen

Tabel 2. Pictogrammen voor iSeries-emulatorverbindingen
Interface Aansluiting

LAN

Afbeelding LAN ontbreekt
  • LAN via IEEE 802.2
  • Telnet5250 via TCP/IP
  • Telnet5250 via IPX/SPX
  • VT via Telnet

5250

5250 --- Afbeelding LAN ontbreekt
  • Twinaxial Data Link Control (APPC)
  • Twinaxial Data Link Control (Console)

COM-poort

COM-poort --- Afbeelding comport ontbreekt
  • SNA via Async
  • Hayes AutoSync
  • SNA via Async (Console)
  • VT via Async
  • VT via Telnet
  • Telnet 5250
  • X.25 Hayes AutoSync

SDLC

SDLC --- Afbeelding LAN ontbreekt
  • SDLC (Synchronous Data Link Control)

SNA/IP

SNA/IP --- Afbeelding snaip ontbreekt
  • 5250

IBM ISA/MCA WAC

IBM ISA/MCA WAC --- Afbeelding LAN ontbreekt
  • Synchronous Data Link Control (WAC)
  • X.25 QLLC (Qualified Logical Link Control)

IBM-EEDLC

IBM-EEDLC --- Afbeelding snaip ontbreekt
  • 5250

OEM

OEM --- Afbeelding LAN ontbreekt
  • APPC 5250

ASCII-verbindingen (alleen SBCS)

Tabel 3. Pictogrammen voor ASCII-emulatorverbindingen
Interface Aansluiting

LAN

LAN --- Afbeelding LAN ontbreekt
  • VT via Telnet (TCP/IP)

COM-poort

COM-poort --- Afbeelding comport ontbreekt
  • VT via Async
  • VT via Telnet (TCP/IP)

S/3X-verbindingen

Tabel 4. Pictogrammen voor S/3X-emulatorverbindingen
Interface Aansluiting

5250

5250 --- Afbeelding LAN ontbreekt
  • Twinaxial Data Link Control (Console)

Client/server-verbindingen (tussen peerwerkstations)

Personal Communications ondersteunt het gebruik van APPN-eindknooppunten voor werkstations voor een flexibeler communicatie met andere systemen op het netwerk.

Als uw werkstation gedefinieerd is als APPN-eindknooppunt, biedt een APPN-server voor netwerkknooppunten de volgende directory- en routingfuncties voor het werkstation:

Met Personal Communications kunt u client/server-verbindingen maken met verschillende typen computers en werkstations die Windows 2000 of Windows XP gebruiken. U kunt de computers ook verbinden met een werkstation waarop Communications Server actief is. De beschikbare typen SNA-client/server-verbindingen zijn:

APPN Networking

APPN (Advanced Peer-to-Peer Networking) is het onderliggende netwerkprotocol dat APPC-verkeer verwerkt via tussenliggende knooppunten op het netwerk. Als bijvoorbeeld programma A gebruikmaakt van APPC om te communiceren met programma B, zoekt de APPN-functie het knooppunt waarop programma B zich bevindt, zodat het APPC-verkeer via het netwerk naar dat knooppunt kan worden verzonden.

APPN bevat verscheidene voorzieningen waarmee de configuratie voor de installatie en het onderhoud van een netwerk wordt vereenvoudigd. Deze voorzieningen kunnen veel tijdrovende, gecompliceerde taken, waarbij makkelijk fouten gemaakt kunnen worden, automatisch uitvoeren. Wanneer u bijvoorbeeld een nieuw werkstation installeert dat APPN gebruikt, hoeft u niet voor elk werkstation waarmee u wilt communiceren een configuratie in te stellen. U hoeft alleen de naam van de computer op te geven en het adres van het tussenliggende knooppunt dat uw gegevensverkeer verwerkt. APPN verzamelt de overige informatie die vereist is om APPC-verkeer van en naar uw werkstation door te sturen.

Als u verbinding maakt met een APPN-netwerk, vereenvoudigt u uw eigen configuratie en maakt u het eenvoudiger voor andere computers in het netwerk om u te vinden.

Raadpleeg voor meer informatie over SNA-client/server-concepten de publicatie Administrator's Guide and Reference.

APPC

APPC (Advanced Program-to-Program Communication), ook wel LU 6.2 genoemd, is software die snelle communicatie tussen programma's op verschillende computers mogelijk maakt, van draagbare computers en werkstations tot middelgrote computers en hostcomputers. APPC-software is beschikbaar voor vele verschillende besturingssystemen, als deel van het besturingssysteem of als apart softwarepakket.

APPC is een communicatieprotocol dat programma's op verschillende computers in staat stelt met elkaar te communiceren. APPC werkt als een interface tussen deze programma's en de netwerkhardware en -software en definieert de regels voor de uitwisseling van informatie tussen programma's.

APPC biedt een interface tussen toepassingsprogramma's en het netwerk. Wanneer de communicatietoepassing van uw werkstation informatie doorgeeft aan de APPC-software, zendt APPC deze informatie door naar een netwerkinterface, bijvoorbeeld een Token-Ring-adapterkaart. De informatie wordt via het netwerk verzonden naar een andere computer waar de APPC-software de informatie ontvangt van de netwerkinterface. APPC zet de informatie terug in de oorspronkelijke indeling en geeft deze door aan de bijbehorende communicatietoepassing.

Raadpleeg de publicatie Emulator User's Reference voor meer informatie.

APPN-netwerk

Wanneer Personal Communications deel uitmaakt van een APPN-netwerk, kunnen de werkstations gebruikmaken van twee extra functies:

HPR (High-Performance Routing)

Personal Communications ondersteunt HPR (High-Performance Routing) via Token-Ring- en Ethernet-verbindingen, hetgeen de prestaties en de betrouwbaarheid van de gegevensrouting vergroot. Met HPR kan gebruik worden gemaakt van RTP, het snelle transportprotocol voor ononderbroken rerouting in geval van uitval van (delen van) een netwerk en het efficiënt en selectief opnieuw verzenden van gegevens, waarbij zowel de betrouwbaarheid van de gegevens als de systeembelasting van verzender tot ontvanger wordt gecontroleerd.

DLUR (Dependent LU Requester)

DLUR stelt afhankelijke LU's (LU 0, 1, 2, 3 en afhankelijke LU 6.2) in staat om gebruik te maken van een APPN-netwerk. DLUR ondersteunt meerdere dynamische paden in het netwerk en zorgt dat afhankelijke LU's (of hun gateway) niet langer hoeven te grenzen aan de VTAM-host.

Een DLUR is een APPN-eindknooppunt of een APPN-netwerkknooppunt dat afhankelijke LU's bezit, maar de SSCP-voorzieningen voor die afhankelijke LU's moeten worden geleverd door een DLUS (Dependent LU Server). Een DLUS bestuurt de conversie van de lokale verwerkingsomgeving naar een APPN-omgeving, zodat u afhankelijke LU's op afstand centraal kunt beheren en tegelijkertijd kunt profiteren van een APPN-netwerk.

Personal Communications maakt gebruik van de ondersteuning in VTAM V4R2 voor afhankelijke LU's via APPN-netwerken en gecombineerde lokale en APPN-netwerken. De DLUS-functie (in VTAM) biedt afhankelijke SLU-ondersteuning (Secondary Logical Unit) door een LU 6.2-sessie tot stand te brengen tussen een DLUR-knooppunt en een DLUS-knooppunt.

Raadpleeg de onderwerpen over SNA-client/server in de publicatie Emulator User's Reference voor meer informatie.

AnyNet

Met Personal Communications biedt AnyNet SNA via TCP/IP-ondersteuning op SNA-systemen kunnen communiceren via een TCP/IP-netwerk. Met de AnyNet-functie kunt u het aantal geïnstalleerde netwerkprotocollen reduceren en het gebruik vereenvoudigen zonder de bestaande toepassingen of hardware te hoeven wijzigen.

Raadpleeg de publicatie Emulator User's Reference voor basisinformatie over AnyNet.

Raadpleeg Administrator's Guide and Reference voor voorbeelden van de instelling van AnyNet-verbindingen.

Enterprise Extender (HPR via IP)

Met Enterprise Extender kunt u SNA-toepassingen en -gegevens gebruiken in IP-netwerken en op IP-clients met een vergelijkbare mate van betrouwbaarheid, schaalbaarheid en besturing als bij SNA-gebruikers. Enterprise Extender maakt gebruik van standaard IP-technologie; er is geen nieuwe hardware of software nodig in de IP-backbone.

Enterprise Extender is een eenvoudige set uitbreidingen op de bestaande HPR-technologie en omvat de volgende functies:

Ondersteuning van ActiveX/OLE 2.0

Personal Communications-sessies kunnen worden opgenomen in een samengesteld document. Een samengesteld document is een document dat één geheel lijkt te zijn, maar dat in feite bestaat uit informatie uit meerdere programma's. Een samengesteld document kan bijvoorbeeld gegevens bevatten die het mogelijk maken dat Personal Communications wordt gestart binnen een spreadsheetprogramma.

Wanneer Personal Communications is opgenomen in een ander programma, wordt Personal Communications een "ingebed" of "gekoppeld" object genoemd en het andere programma een "container". Personal Communications ondersteunt containers die voldoen aan ActiveX/OLE 2.0 zoals Lotus Notes, Lotus WordPro en Microsoft Word. In de meeste containers kunt u een object opnemen via een aantal menuopties (in Microsoft Word bijvoorbeeld, kiest u Invoegen en vervolgens Object) of door een werkstationprofiel naar het document te slepen.

Als Personal Communications gebruikt wordt als ingebed object, wordt de presentatie aangepast zodat deze deel uit gaat maken van het containerprogramma, vooropgesteld dat het containerprogramma dit toestaat. Personal Communications kan ook gestart worden in een eigen venster met een eigen profiel en beeldschermindeling.

Er zijn verscheidene manieren waarop Personal Communications geactiveerd kan worden als ingebed object. Personal Communications kan bijvoorbeeld als pictogram in een ander programma worden opgenomen, zodat het door erop te dubbelklikken kan worden geactiveerd. Personal Communications kan ook worden geactiveerd door middel van een script. Personal Communications ondersteunt bijvoorbeeld Visual Basic en LotusScript, maar ook alle ActiveX/OLE-scripttalen kunnen in Personal Communications worden gebruikt.

Het gebruik van scripts maakt het mogelijk dat Personal Communications geactiveerd wordt als onderdeel van een geautomatiseerde procedure. U kunt bijvoorbeeld scripts gebruiken om Personal Communications automatisch te starten wanneer het containerobject wordt gestart of om automatisch gegevens te laten invullen op een invoerscherm van een host.

De Personal Communications-sessie eindigt wanneer de container wordt gesloten of wanneer u het venster van Personal Communications sluit. Als Personal Communications is geactiveerd als een gekoppeld object, moet het programma afzonderlijk worden gesloten.

Objectgeoriënteerde API

Personal Communications biedt een nieuwe, taalonafhankelijke en objectgeoriënteerde API. Er zijn zeven objecten beschikbaar die gebruikt kunnen worden met Visual Basic, Lotus Script of een andere ActiveX/OLE-scripttaal om een samengesteld document te maken waarin Personal Communications een ingebed object is binnen een ander programma.

Als u een toepassing wilt ontwikkelen waarvan Personal Communications als object deel uitmaakt en die voldoet aan ActiveX/OLE 2.0, raadpleegt u de programmeerhandleiding Host Access Class Library (HACL). In deze handleiding wordt beschreven welke objecten in Personal Communications beschikbaar zijn en wat u moet doen om toegang te krijgen tot de Personal Communications-gegevens. Er wordt informatie geboden voor programmeurs die gebruikmaken van Visual Basic-scripts, Lotus-scripts en de programmeertaal C++. Voorbeelden van scripts voor Visual Basic en Lotus vindt u op de CD-ROM van Personal Communications.